Een ODR-lening is een lening met een niet-rentecorrigeerbaar onzakelijk debiteurenrisico. Dit type lening valt onder de onzakelijke leningen. U leert hier wat een ODR-lening precies inhoudt en welke fiscale gevolgen dit heeft.
Een lening kwalificeert als ODR-lening wanneer een onafhankelijke derde deze niet zou zijn aangegaan, en de rente niet kan worden verhoogd om het debiteurenrisico te dekken. Dit betekent dat het verlies op de lening niet aftrekbaar is voor de winstbelasting. Een hoge kans op een ODR-lening ontstaat als een crediteur een vermogensbestanddeel verkoopt aan een gelieerde debiteur tegen schuldigerkenning, zonder dat de debiteur eigen vermogen heeft. De aftrek van afwaarderingsverlies is dan niet mogelijk.
De Hoge Raad maakte in 2008 en 2011 onderscheid tussen een ODR-lening en een lening met onzakelijke voorwaarden (OR-lening). Bij een OR-lening is correctie van de rente mogelijk, bij een ODR-lening niet. Kwijtschelding van een ODR-lening wordt gezien als een informele kapitaalstorting, wat het opgeofferde bedrag verhoogt. Het verlies op een definitieve onzakelijke ODR-lening kan aftrekbaar zijn als liquidatieverlies voor de vennootschapsbelasting.
Een ODR-lening staat voor een lening met een Onzakelijk Debiteuren Risico. Het is een geldlening met een ongebruikelijk debiteurenrisico. Dit risico zou tussen onafhankelijke partijen niet overeengekomen zijn.
De kern van een ODR-lening is dat een onafhankelijke derde een lening onder deze voorwaarden en omstandigheden nooit zou aangaan. De geldverstrekker heeft een debiteurenrisico geaccepteerd dat een onafhankelijke derde niet zou aanvaarden. Dit betekent dat de geldgever het debiteurenrisico op zich neemt als aandeelhouder, niet als geldschieter. Het debiteurenrisico wordt aanvaard in de hoedanigheid van aandeelhouder.
Een belangrijk kenmerk is dat een ODR-lening niet ten laste van de winst kan worden afgewaardeerd. Dit verhindert een afwaardering op de lening ten laste van de winst. De afwaardering van een onvolwaardig geworden vordering is niet fiscaal aftrekbaar als de geldverstrekking kwalificeert als onzakelijke lening. Het is een geldverstrekking tussen gelieerde partijen waarbij geen zakelijk rentepercentage is vast te stellen. Een rentepercentage is moeilijk vast te stellen vanwege de aard van de lening.
Een zakelijke lening onderscheidt zich van een onzakelijke lening door specifieke voorwaarden. De voorwaarden van de lening moeten zakelijk zijn, wat betekent dat een onafhankelijke derde deze ook zou accepteren. Voor een zakelijke lening moet altijd een zakelijke of marktconforme rente zijn afgesproken.
Een zakelijke lening heeft als kenmerken een schriftelijke overeenkomst, marktconforme rente, duidelijke afspraken over aflossing en zekerheden. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor een lening tussen een ondernemer en zijn bv. Het verschil bij een niet-zakelijke lening kan door de Belastingdienst worden aangemerkt als een schenking. Dit heeft fiscale gevolgen voor de ontvanger.
Een onzakelijke lening wordt vastgesteld als de geldlening onder onzakelijke voorwaarden plaatsvindt. Een onzakelijke lening ontstaat wanneer een geldverstrekker een debiteurenrisico aanvaardt dat een onafhankelijke derde niet zou hebben genomen. Dit geldt ook als geen vaste rente kan worden vastgesteld waartegen een onafhankelijke derde de lening zou verstrekken.
U herkent een onzakelijke lening aan meerdere kenmerken. Een onafhankelijke derde zou deze lening niet of alleen tegen een winstdelende rente verstrekken. Een lening is onzakelijk als het debiteurenrisico wordt genomen vanwege vennootschappelijke betrekkingen tussen de crediteur en debiteur. Om een lening als onzakelijk aan te tonen, moet bewezen worden dat het debiteurenrisico ongebruikelijk is.
Een lening kan onzakelijk worden als de geldlener niet verplicht is af te lossen of geen rente hoeft te betalen. Het niet voldoen aan zakelijke voorwaarden wordt beschouwd als onzakelijk handelen. Onzakelijk handelen kan leiden tot het beschouwen van de lening als inkomsten, volgens de Belastingdienst. Een zakelijke lening kan gedurende de looptijd alsnog onzakelijk worden door onzakelijk handelen van de crediteur. Om dit te voorkomen, sluit u een leningsovereenkomst af die overeenkomt met die van een willekeurige derde.
Elke lening heeft financiële en fiscale gevolgen. Een onderhandse lening kan fiscale gevolgen hebben voor zowel de uitlener als de lener. Ook kan een onderhandse lening onbedoelde fiscale gevolgen met zich meebrengen.
De fiscale consequentie van een onzakelijke lening, zoals een ODR-lening, is dat een eventuele afwaardering van de lening bij de geldverstrekker niet aftrekbaar is. Zelfs een renteloze lening heeft fiscale gevolgen bij een onderhandse lening. Voor de fiscale gevolgen van kwijtschelding van een lening is advies van een fiscalist of belastingadviseur nodig.
Een ODR-lening brengt specifieke risico’s met zich mee voor zowel het vermogen als de jaarrekening van een onderneming. Een ODR-lening is een type onzakelijke lening en kan niet ten laste van de winst worden afgewaardeerd. Een eventueel waardeverlies op deze lening heeft daardoor geen invloed op de belastbare winst van de onderneming.
De geldverstrekker neemt bij een ODR-lening het debiteurenrisico aan als aandeelhouder, niet als onafhankelijke geldschieter. Dit is het geval wanneer een externe partij een dergelijke lening onder vergelijkbare voorwaarden niet zou verstrekken, of wanneer de rente niet opwaarts kan worden bijgesteld om het debiteurenrisico af te dekken. Een ODR-lening kenmerkt zich door een niet-rentecorrigeerbaar onzakelijk debiteurenrisico. Het verschil tussen een OR-lening en een ODR-lening zit in de correctiemogelijkheid; bij een ODR-lening is die afwezig.
Een situatie die vaak leidt tot een hoge kans op een ODR-lening is wanneer een crediteur een vermogensbestanddeel verkoopt aan een gelieerde debiteur zonder dat de debiteur eigen vermogen heeft. Hoewel een verlies op een definitieve onzakelijke ODR-lening aftrekbaar kan zijn als liquidatieverlies, verhoogt dit wel het opgeofferde bedrag. De kwalificatie van een lening als ODR-lening gebeurt in de praktijk vaak achteraf, wat onzekerheid kan creëren voor de jaarrekening.
Om een onzakelijke lening te voorkomen, is het cruciaal om de voorwaarden zo zakelijk mogelijk te houden. Dit betekent dat u een leningsovereenkomst afsluit die overeenkomt met een overeenkomst die u met een willekeurige derde zou sluiten. De Belastingdienst beschouwt een lening als onzakelijk als de financiële positie van de lener te zwak is voor een onafhankelijke derde partij, of als geen zakelijk rentepercentage kan worden vastgesteld.
Het is niet alleen belangrijk om zakelijke afspraken te maken, maar ook om deze na te komen. Een lening kan namelijk tijdens de looptijd onzakelijk worden door onzakelijk handelen van de crediteur. Een lening krijgt een onzakelijk debiteurenrisico als een renteaanpassing het karakter van de geldverstrekking aantast, waardoor de lening winstdelend wordt.
Een lening wordt als onzakelijk aangemerkt indien een debiteurenrisico wordt gelopen dat een onafhankelijke derde niet zou hebben genomen. Dit geldt ook als de geldlener niet verplicht is af te lossen of geen rente hoeft te betalen. Het ontbreken van zekerheden, het bijschrijven van rente of de afwezigheid van een aflosschema maken een lening echter niet automatisch onzakelijk.
Omdat een ODR-lening fiscale nadelen heeft, is het slim om naar alternatieven te kijken. U kunt financiële middelen ook verstrekken als eigen vermogen. Naast eigen vermogen is er vreemd vermogen, wat diverse vormen kan aannemen.
Een onderhandse lening is een alternatief voor geld lenen. Dit kan ook een alternatief zijn voor een minilening, vooral als u financiering zonder bank zoekt en een BKR-toetsing wilt vermijden. Andere opties zijn een lening bij een bank of financiering via een investeerder. Een moedervennootschap kan een lening verstrekken als banken niet bereid zijn.
Financiering via een platform voor crowdfunding is ook een mogelijkheid. Soms is een schenking een alternatief voor een geldlening. Tot slot is hulp bij het vinden van geschikte financiering via professionele kanalen een optie om de juiste oplossing te vinden.
Er bestaan verschillende soorten leningen die u kunt overwegen, afhankelijk van uw financiële situatie en doel. Bij het aanvragen van een lening is het slim om opties te vergelijken, zoals een persoonlijke lening. Denk hierbij aan een doorlopend krediet of het verhogen van uw hypotheek.
Een doorlopend krediet is een leenvorm die u kunt overwegen. Andere leningsoorten zijn bijvoorbeeld hypotheekleningen en autoleningen. Ook roodstand, creditcardschulden of afspraken voor betalen in termijnen vallen onder kredietsoorten die u kunt overwegen. Persoonlijke leningen, doorlopend kredieten en postorderkredieten zijn voorbeelden van leningen die overgesloten kunnen worden. Postorderkredieten zijn leenvormen die u kunt overwegen samen te voegen. Leningen van banken zijn ook leenvormen die u kunt overwegen om over te sluiten. Voor de meeste mensen volstaat een persoonlijke lening voor een duidelijk doel.
Wanneer we spreken over ‘ten laste van de winst’ bij een ODR-lening, betekent dit dat u een verlies op die lening niet mag aftrekken van uw bedrijfsresultaat. Een ODR-lening kan niet worden afgewaardeerd ten laste van de winst. Dit komt omdat de geldgever het risico als aandeelhouder nam, niet als geldschieter. Een afwaardering van een onzakelijke lening is in beginsel niet fiscaal aftrekbaar van de winst, vooral als de verstrekker geen aandeelhouder is. Toch kan het bedrag van de afwaardering fiscaal ten laste van de winst worden gebracht als de dochtervennootschap wordt geliquideerd en de verstrekker daarnaast aandeelhouder is.
Een onafhankelijke derde, zoals een financieel adviseur, kan de geschiktheid en voorwaarden van een lening beoordelen. Dit helpt u bij het vinden van de beste financieringsopties en de mogelijkheid om een lening af te sluiten. Deze adviseur kijkt ook of de looptijd van de lening verantwoord is voor zowel de lener als de uitlener. Zo krijgt u een objectief oordeel over uw leenmogelijkheden.
Een ODR-lening functioneert fiscaal als vreemd vermogen voor een onderneming. Dit betekent dat de lening wordt gezien als schuld die uw bedrijf heeft uitstaan. Vreemd vermogen brengt rente- en aflossingsverplichtingen met zich mee, wat vaste lasten voor uw bedrijf creëert. De omvang van dit geleende vermogen bepaalt de hoogte van deze verplichtingen. Hoewel een ODR-lening niet wordt geherkwalificeerd als deelnemerschapslening, is een afwaardering op de lening niet aftrekbaar als het onzakelijke debiteurenrisico zich voordoet. Alleen het onzakelijke risico wordt buiten de winstsfeer geplaatst. Een groot deel vreemd vermogen kan leiden tot een lagere solvabiliteit, wat de verhouding tussen eigen en vreemd vermogen weergeeft en de financiële gezondheid van uw onderneming beïnvloedt.
De Boomgaart/Schaik-leer beantwoordt de vraag wie de schenker is wanneer een vennootschap een onzakelijke lening verstrekt. Volgens deze leer is de schenker van de gift de natuurlijke persoon die de vennootschap instrueert. De vennootschap staat vermogen af op grond van haar relatie met de aandeelhouder en directeur. De aanvaarding van het voordeel in de lening vindt plaats op grond van de relatie tussen de aandeelhouders van de betrokken bv’s. Dit resulteert in een gift van een natuurlijke persoon aan een natuurlijke persoon. De schenker moet zich bewust zijn van de bevoordeling door het onzakelijke debiteurenrisico te aanvaarden, zoals kennisgroepen.belastingdienst.nl uitlegt.