Excessief lenen door de DGA aan een kind houdt in dat schulden van verbonden personen, zoals kinderen, meetellen voor de Wet excessief lenen. De DGA telt schulden van bloed- of aanverwanten in de rechte lijn mee boven een drempel van €500.000. U betaalt belasting over het deel van de totale schuld dat deze grens overschrijdt, tenzij het leningen voor de eigen woning betreft die in box 1 vallen.
Excessief lenen door een DGA aan een kind betekent dat leningen van de BV aan het (klein)kind meetellen voor de schuld van de DGA aan de eigen BV. Deze regeling is van kracht sinds 1 januari 2024 onder de Wet excessief lenen bij eigen vennootschap.
De wet bepaalt dat leningen van de BV aan bloed- of aanverwanten in de rechte lijn, zoals kinderen en kleinkinderen, worden toegerekend aan de totale schuld van de DGA aan de BV. Als deze totale schuld, inclusief de toegerekende leningen, de drempel van €500.000 overschrijdt, wordt het bedrag boven deze grens als excessief beschouwd. Over dit excessieve deel betaalt de DGA belasting.
Leningen uit de BV voor de eigen woning van de DGA, die in box 1 vallen, vormen hierop een uitzondering en tellen niet mee voor de €500.000 drempel.
Leningen van een BV aan (klein)kinderen vallen onder specifieke fiscale regels en voorwaarden. Deze leningen moeten voldoende zakelijke voorwaarden hebben en schriftelijk worden vastgelegd. Dit is cruciaal om te voorkomen dat de Belastingdienst ze als schenking ziet, met schenkbelasting als gevolg. Bovendien worden leningen die maximale limieten overschrijden, toegerekend aan de schuld van de DGA. U moet rekening houden met een maximale schuldgrens van €500.000, al zijn leningen voor een eigen woning van het kind hiervan uitgezonderd.
De grens van €700.000 is een belangrijke drempel voor excessief lenen van uw BV, wat meetelt voor de box 2-heffing. Volgens de Belastingdienst worden leningen boven dit bedrag, die u van uw BV heeft, vanaf 2023 belast als inkomsten uit aanmerkelijk belang. Dit geldt ook voor leningen aan uw (klein)kinderen die meetellen voor uw schuld als DGA. Op de peildatum van 31 december wordt gekeken of uw schuld de €700.000 overschrijdt. Het meerdere wordt dan belast tegen een tarief van 26,9% in box 2. Voor 2023 kon belastingheffing nog worden voorkomen door het bedrag boven de drempel vóór 31 december af te lossen. Als u belasting betaalt over het deel boven de €700.000, wordt deze drempel in latere jaren verhoogd met dat belaste bedrag. Let op: bij een overschrijding van meer dan €67.000 kan een verhoogd belastingtarief van 33% van toepassing zijn.
Leningen van de BV aan (klein)kinderen voor een eigen woning zijn uitgezonderd van de Wet excessief lenen. Deze eigenwoningschulden blijven buiten beschouwing bij de beoordeling van toelaatbare schulden en tellen niet mee voor het grensbedrag van €500.000 dat in 2024 gold. Normaal gesproken tellen schulden van verbonden personen, zoals kinderen, mee voor de schuldendrempel bij excessief lenen. Echter, een kwalificerende eigenwoningschuld is hiervan uitgesloten. Ook een lening van de BV van ouders aan de BV van een kind telt niet mee voor de maatregel excessief lenen, mits het geld niet privé bij het kind terechtkomt.
De Wet excessief lenen is een maatregel die is ingevoerd om het uitstellen van aanmerkelijkbelangheffing te voorkomen. In de praktijk betekent dit dat leningen van uw BV aan uw (klein)kind meetellen voor de schuld van de DGA aan de BV. De wet hanteert een maximum leenbedrag van €500.000, waarbij leningen van partners ook meetellen. Belangrijk is dat de wet geen tegenbewijsregeling kent; alle leningen vallen onder de heffing, ook zakelijke leningen. Overschrijdt u deze grens, dan kan dit leiden tot een fictief regulier voordeel uit aanmerkelijk belang en de inning van een conserverende aanslag.
De peildatum voor excessief lenen is altijd 31 december. Op deze datum wordt de stand van de schuld beoordeeld. De beperking op excessief lenen, inclusief leningen aan kinderen, is van kracht sinds 2023; in 2024 was de peildatum voor de schuld van een kind aan de BV van de DGA ook 31 december. Aflossingsverplichtingen voor leningen van een BV aan een kind moeten zakelijke voorwaarden hebben en deze moeten ook nagekomen worden. Een aflossing door het kind op zijn eigen lening heeft pas effect als de totale schulden en het overschot van de ouder aan het eind van het jaar onder de drempel van €500.000 komen. Sterker nog, een aflossing door het kind wordt gezien als aflossing door de ouder en kan leiden tot een negatief voordeel. Het is daarom essentieel dat u duidelijke afspraken maakt over de aflossing en erop toeziet dat deze worden nageleefd, tenzij het kind zelf een aanmerkelijk belang heeft in de BV – dan telt de schuld van het kind niet mee voor de DGA.
Wanneer de leenlimiet wordt overschreden bij excessief lenen door een DGA aan een kind, volgt belastingheffing. Schulden van verbonden personen, zoals uw kind, tellen mee bij de beoordeling van uw bovenmatige schulden aan de BV. Ieder kind zonder aanmerkelijk belang mag een schuld hebben van €500.000. Het bedrag van een lening van een kind dat meer is dan €500.000, wordt toegerekend als schuld aan de ouder. Overschrijdt uw totale schuld aan de BV dan de grens van €500.000, dan wordt het overschot belast in box 2.
Lenen vanuit uw BV aan uw kind brengt fiscale gevolgen en risico’s met zich mee. Schulden van verbonden personen, zoals uw kinderen, tellen mee voor de drempel van excessief lenen, wat kan leiden tot belastingheffing in box 2. Een lening kan ook als schenking worden gezien als de voorwaarden niet zakelijk zijn, bijvoorbeeld bij een rentepercentage lager dan 6% op jaarbasis. Leningen voor een eigen woning zijn hiervan uitgezonderd, net als leningen van de BV van ouders aan de BV van een kind, zolang het geld niet privé bij het kind terechtkomt. De volgende secties gaan dieper in op de conserverende aanslag en de invloed op de verkrijgingsprijs in box 2.
Een conserverende aanslag is een belastingaanslag die u in de toekomst mogelijk moet betalen, opgelegd door de Belastingdienst om een belastingclaim veilig te stellen. Deze aanslag kan worden opgelegd bij emigratie vanuit Nederland naar een ander land, zoals de Belastingdienst uitlegt. Voor aanmerkelijk belang moet de aanslag (deels) betaald worden bij verkoop van aandelen of uitkering van dividend. Ook het aangaan van een excessieve lening kan leiden tot betaling. De conserverende aanslag voor aanmerkelijk belang geldt levenslang sinds 2015. Het uitstel van betaling wordt ingetrokken als u zich niet aan de Nederlandse belastingregels houdt. Denk hierbij aan afkoop van pensioen of lijfrente, of een verhuizing naar een niet-EU-land.
De invloed van excessief lenen door een DGA aan een kind op de verkrijgingsprijs in box 2 is duidelijk. Het bedrag dat als fictief voordeel uit aanmerkelijk belang wordt belast door excessief lenen, telt niet mee. Dit wordt niet opgeteld bij de verkrijgingsprijs van de aandelen in box 2. Zo voorkomt u een dubbele belastingheffing. U hoeft hierdoor geen rekening te houden met een verhoging van de verkrijgingsprijs. Dit geldt voor het specifieke deel van de lening dat als fictief voordeel wordt gezien.
Een voorbeeld van een lening voor een eigen woning van het kind is wanneer ouders geld lenen voor de aanschaf, verbouwing of onderhoud van de woning van hun kind. Dit gebeurt vaak via een onderhandse akte of als een familiehypotheek. De rente die het kind betaalt over deze lening is fiscaal aftrekbaar als hypotheekrente. Ouders kunnen deze rente belastingvrij teruggeven aan het kind, een praktijk die bekendstaat als een ‘kasrondje’. Dit biedt zowel het kind als de ouders fiscale voordelen.
Een rekenvoorbeeld van de fiscale impact toont dat in 2023 een fictief rendement van € 12.957 leidde tot een te betalen belasting van € 4.146. Deze belasting is gebaseerd op een tarief van 32%. Voor de aflossing van een zakelijke lening van € 24.000 over 10 jaar betaalt u jaarlijks € 2.400. Dit komt neer op een maandelijkse aflossing van € 200.
Om excessief lenen vanuit uw BV aan uw kind te voorkomen, bestaan er diverse alternatieven. Zo vallen bijvoorbeeld financieringen die specifiek bedoeld zijn voor de eigen woning van het kind buiten de reikwijdte van de Wet excessief lenen. Daarnaast wordt een lening aan de besloten vennootschap van het kind eveneens niet meegerekend, op voorwaarde dat de gelden niet persoonlijk bij het kind belanden. Andere mogelijkheden omvatten een dividenduitkering of het opzetten van een familiehypotheek.
Voor advies en optimale constructies bij het lenen aan kinderen vanuit een BV is het essentieel om zakelijke voorwaarden te hanteren. Dit voorkomt schenking en fiscale complicaties bij excessief lenen door de DGA aan een kind. Een deskundig adviseur helpt u de voorwaarden vast te leggen en te zorgen voor een marktconforme rente, wat fiscaal voordelig vermogensoverdracht mogelijk maakt.
De Wet excessief lenen, van kracht sinds 2023, is gericht op het tegengaan van excessieve leningen van een directeur-grootaandeelhouder (DGA) bij de eigen BV. Vanaf 31 december 2024 wordt een lening van de DGA bij de eigen BV die het drempelbedrag van €700.000 overschrijdt, belast. Het bedrag boven deze grens wordt aangemerkt als een fictief regulier voordeel in box 2 van de inkomstenbelasting. Dit kan leiden tot een aanzienlijke belastingclaim.
Een belangrijke uitzondering geldt voor bestaande eigenwoningschulden, die niet meetellen voor de bepaling van het excessieve deel.
Indien u een aanslag inkomstenbelasting ontvangt waarbij de Wet excessief lenen is toegepast, heeft u de mogelijkheid om bezwaar te maken. Een bezwaar dient gemotiveerd te worden en kan complex zijn. Het is raadzaam om hierbij deskundig advies in te winnen. Fiscale aandachtspunten zijn hierbij van belang.
Leningen van een BV aan (klein)kinderen voor een eigen woning zijn uitgezonderd van de Wet excessief lenen. Dit betekent dat eigenwoningschulden niet meetellen voor de belastingplicht op basis van deze wet. Voor meer informatie over deze fiscale aandachtspunten kunt u verder lezen.
Deze uitzondering geldt als de schuld kwalificeert als een box 1 eigenwoningschuld. U moet dan een recht van hypotheek vestigen bij de BV via een notariële inschrijving. Dit is vereist om de lening uit te sluiten van de regeling. De grens van €500.000 voor schulden aan verbonden personen en partners samen telt dan niet mee voor deze specifieke leningen. Let op: Box 3-schulden die zijn gebruikt voor de eigen woning zijn niet uitgezonderd van de Wet excessief lenen.
Ja, de BV van de ouders mag geld lenen aan de BV van het kind. Deze lening telt niet mee voor de maatregel excessief lenen, zolang het geld niet privé bij het kind terechtkomt. Een voorbeeld hiervan is wanneer de BV van de vader leent aan de BV van de zoon. Wel moet een lening van de BV aan het kind van de DGA altijd op een zakelijke grondslag worden beoordeeld, net als bij een externe partij. Dit kan fiscaal voordelig zijn voor vermogensoverdracht naar de volgende generatie. Als het geld vanuit de BV van het kind wel privé bij het kind terechtkomt, bijvoorbeeld voor de aankoop van een effectenportefeuille, dan gelden de regels voor excessief lenen. Leningen aan (klein)kinderen die niet voor een eigen woning zijn, hebben een maximale schuldgrens van € 500.000. Dit geldt ook voor leningen aan de echtgenoot of echtgenote van (klein)kinderen. Wanneer deze limieten worden overschreden, wordt het overschot toegerekend aan de schuld van de DGA bij de BV, wat kan leiden tot belastingheffing. Zo wordt bij een lening van € 700.000 aan het kind, waarbij de ouder zelf € 400.000 heeft geleend, een overschot van € 200.000 van de schuld van het kind aan de ouder toegerekend.
U verwerkt een lening aan uw kind in de belastingaangifte door de inkomsten en aftrekposten correct op te geven. Voor u als ouder zijn rentebetalingen inkomen, bijvoorbeeld als het om een lening voor een auto gaat. De lening zelf is voor u een bezitting in box 3. U moet jaarlijks de gegevens van de lening doorgeven aan de Belastingdienst. Het kind mag de hypotheekrente aftrekken als de lening voor een eigen woning is. Wel moet het kind jaarlijks aangeven hoeveel er is afgelost en de gegevens van u als leningverstrekker vermelden. De afgesproken rente moet daadwerkelijk betaald worden en mag niet verrekend worden met schenkingen aan het kind, anders vervalt de aftrek. Zorg dat terugbetalingstermijnen en aflossingsschema’s goed zijn vastgelegd om complicaties te voorkomen.
Ja, u kunt een lening aan uw kind omzetten in een schenking. Een ouder kan een lening aan zijn kind kwijtschelden. Een schenklening tussen ouders en kinderen biedt de mogelijkheid om een deel van het geleende bedrag om te zetten in een schenking. Denk aan de situatie waarin u uw kind helpt bij de aankoop van een woning; dan kan de koopsom worden omgezet in een lening en later kwijtgescholden. Een notaris of deskundig adviseur kan helpen bij het opstellen van een schuldbekentenis om de voorwaarden van de lening vast te leggen. Ouders kunnen jaarlijks een schenking doen tot het vrijgestelde bedrag om de rente of lening terug te betalen. Dit is handig als u minder rente wilt vragen. Belangrijk is dat een niet direct opeisbare geldlening aan een kind kan leiden tot een schenking als het rentepercentage lager is dan 6% op jaarbasis. Het verschil tussen het berekende percentage en 6% wordt dan als schenking gezien.