Stellen met kinderen hebben vaker een schuld dan wie alleen woont
Op 1 januari 2024 had 69,2% van de paren met kinderen een schuld buiten de hypotheek, tegenover 35,2% van de mensen die alleen wonen, volgens het CBS. De mediaan bij stellen met kinderen is € 1.100; het gemiddelde € 50.900.
Foto: Vlada Karpovich via Pexels

In het kort
- 69,2% van de paren met kinderen had op 1 januari 2024 een schuld buiten de hypotheek, tegenover 60,5% van de eenoudergezinnen, 49,5% van de paren zonder kinderen en 35,2% van de eenpersoonshuishoudens (CBS).
- De mediane schuld is bij stellen met kinderen € 1.100 en bij eenoudergezinnen € 1.200, de hoogste van alle huishoudtypen; eenoudergezinnen komen volgens het Nibud ook het moeilijkst rond (59% in 2026).
- Volgens de leennormen leent een paar met kinderen bij één inkomen van € 3.633 netto, € 1.100 huur en een auto ongeveer € 18.100; een alleenstaande in dezelfde situatie € 50.800. Het is een indicatie; de kredietverstrekker beslist.
Op 1 januari 2024 had 69,2% van de paren met kinderen een schuld buiten de hypotheek, volgens de vermogensstatistiek van CBS StatLine. Van de eenpersoonshuishoudens had 35,2% zo'n schuld, bijna de helft minder. De mediane schuld bij stellen met kinderen, het bedrag waar de helft van de gezinnen met een schuld onder zit, is € 1.100. Het gemiddelde ligt op € 50.900, opgetrokken door een kleine groep met grote schulden. Eenoudergezinnen hebben de hoogste mediaan: € 1.200.
Zeven op de tien gezinnen hebben een schuld naast de hypotheek
Het CBS telt onder "schulden, overig" alle schulden behalve de hypotheek op de eigen woning en studieschulden: leningen en kredieten voor consumptie, maar ook belasting- en zorgschulden en leningen voor beleggingen of ander onroerend goed. De cijfers zijn een stand per 1 januari 2024 (voorlopig) en gelden per huishouden. Het gemiddelde en de mediaan zijn berekend over de huishoudens die zo'n schuld hebben.
| Huishoudtype | Aantal huishoudens | Aandeel met schuld buiten hypotheek | Gemiddelde schuld | Mediane schuld |
|---|---|---|---|---|
| Eenpersoonshuishouden | 3.236 duizend | 35,2% | € 30.300 | € 700 |
| Eenoudergezin | 589 duizend | 60,5% | € 27.300 | € 1.200 |
| Paar zonder kinderen | 2.302 duizend | 49,5% | € 51.500 | € 700 |
| Paar met kinderen | 1.970 duizend | 69,2% | € 50.900 | € 1.100 |
| Overig meerpersoonshuishouden | 162 duizend | 71,8% | € 58.300 | € 2.400 |
| Alle huishoudens | 8.259 duizend | 49,8% | € 43.500 | € 900 |
Paren met kinderen hebben het vaakst een schuld, eenpersoonshuishoudens het minst vaak; eenoudergezinnen en paren zonder kinderen zitten ertussen. Alleen de kleine groep overige meerpersoonshuishoudens scoort nog hoger.
Eenoudergezinnen hebben de hoogste mediaan en komen het moeilijkst rond
Eenoudergezinnen hebben minder vaak een schuld dan paren met kinderen (60,5% tegenover 69,2%), maar wie er een heeft, zit met een mediaan van € 1.200 het hoogst van alle gezinstypen. Dat sluit aan bij wat het Nibud in juni 2026 rapporteerde in "Geldzaken in de praktijk 2026": 59% van de eenoudergezinnen zegt moeite te hebben met rondkomen, tegenover 55% in 2024. Bij paren met kinderen is dat 37% (was 31%), bij alleenstaanden zonder kinderen 47% (was 42%) en bij paren zonder kinderen 27% (was 22%). Over alle huishoudens is het 38%.
Ook het spaargeld verschilt. Volgens het CBS is het mediane bank- en spaartegoed van een eenoudergezin € 9.900 en van een eenpersoonshuishouden € 10.800, tegenover € 31.100 bij paren met kinderen en € 37.100 bij paren zonder kinderen. Een gezin met twee volwassenen heeft dus vaker een schuld, maar ook meer achter de hand.
Het gemiddelde zegt weinig, de mediaan meer
Het gemiddelde van € 50.900 bij paren met kinderen zegt vooral iets over een kleine groep: huishoudens met een zakelijke lening, een lening voor een tweede woning of beleggingen. Voor het doorsnee gezin is de mediaan de betere maat, en die ligt overal tussen € 700 en € 2.400. De meeste huishoudens met een schuld buiten de hypotheek hebben dus een klein bedrag open staan.
Een gezin kan volgens de leennormen minder lenen bij hetzelfde inkomen
Dat gezinnen vaker een schuld hebben, betekent niet dat ze meer kunnen lenen. Kredietverstrekkers toetsen een aanvraag aan de leennormen van de VFN, de brancheorganisatie van financieringsondernemingen, die de AFM als minimale invulling van de wettelijke norm beschouwt. Die normen rekenen met een basisbedrag voor levensonderhoud per huishoudtype (versie 17 november 2025, huurwoning): € 1.364 per maand voor een alleenstaande, € 1.972 voor een paar, € 2.277 voor een alleenstaande met kinderen en € 2.657 voor een paar met kinderen. Daar komt een inkomensafhankelijke opslag bij en, bij een auto, een vast bedrag voor autobezit. Wat na de woonlasten overblijft, is de ruimte voor een maandtermijn.
Rekenvoorbeeld
Stel, in elk van de vier huishoudens komt één netto inkomen van € 3.633 per maand binnen (anderhalf keer modaal volgens de normen), de huur is € 1.100 en er staat een auto voor de deur. De rekentool van Lening.nl, die de leennormen volgt, geeft bij 8% rente over 60 maanden:
| Huishouden (één inkomen van € 3.633 netto, huur € 1.100, auto) | Leennorm per maand | Ruimte per maand | Leenbedrag over 60 maanden |
|---|---|---|---|
| Alleenstaand | € 1.525 | € 1.031 | € 50.800 |
| Alleenstaand met kinderen | € 2.329 | € 1.042 | € 51.300 |
| Paar, één inkomen | € 2.221 | € 406 | € 20.000 |
| Paar met kinderen, één inkomen | € 2.867 | € 368 | € 18.100 |
Het paar met kinderen komt op € 18.100, de alleenstaande op € 50.800: bij hetzelfde inkomen bijna drie keer zoveel. De hogere leennorm voor een gezin eet de ruimte op. Dat de alleenstaande ouder toch hoog uitkomt, komt doordat de normen kindgebonden budget en kinderbijslag bij het toetsinkomen optellen als je daar recht op hebt; bij een paar met kinderen is dat bedrag lager. De uitkomst is een indicatie; de kredietverstrekker beslist en mag strenger zijn. Met een tweede inkomen verandert het beeld volledig, zie ons bericht over lenen met een modaal inkomen.
Wat dit voor jou betekent
- Vergelijk je eigen schuld met de mediaan van je huishoudtype, niet met het gemiddelde. Voor een gezin is € 1.100 de doorsnee; een veel hoger bedrag vraagt om een plan.
- Wil je als gezin lenen, reken dan eerst uit wat de leennormen bij jouw inkomen, huur en huishouden toestaan met hoeveel kan ik lenen voordat je een aanvraag doet.
- Hebben jullie twee inkomens, vul ze dan allebei in: de ruimte verandert daardoor sterk. Wat een lening per maand kost, zie je bij lening berekenen.
- Kom je als eenoudergezin moeilijk rond, dan is een nieuwe lening zelden de oplossing; lenen kost geld en de maandlast komt bovenop de vaste lasten die al knellen.
Veelgestelde vragen
Bronnen
Dit artikel is algemene informatie en geen persoonlijk financieel advies. Je situatie kan afwijken; vraag onze adviseurs gerust om een berekening op maat. Let op! Geld lenen kost geld.
Vergelijk en vraag je lening online aan
Rente vanaf 7,10% bij 7 kredietverstrekkers. Aanvragen is gratis, vrijblijvend en heeft geen gevolgen voor je BKR-registratie. Let op! Geld lenen kost geld.
