De minimale rente bij een lening aan of van een BV is geen vast percentage. U moet een zakelijke rente afspreken, net zoals u met een externe partij zou doen. Begrijp welke regels hiervoor gelden en wat de gevolgen zijn van afwijken.
Minimale rente bij leningen binnen een BV-structuur betekent dat u een rente afspreekt die een onafhankelijke partij ook zou vragen. Deze rente moet dus marktconform en zakelijk zijn. U legt deze afspraken vast in een leningsovereenkomst met duidelijke voorwaarden.
De hoogte van de rente hangt af van meerdere factoren. Denk aan de looptijd, afspraken over aflossing en verstrekte zekerheden. Vaak baseert u de rente op het U-rendement, plus een risico-opslag. Voor onderhandse leningen, zoals vaak binnen een BV, geldt een bovengrens van 10 procent rente. Een te lage of te hoge rente kan de lening onzakelijk maken. Dit heeft dan fiscale gevolgen voor zowel u privé als voor de BV.
Voor leningen aan of van een BV moet u een marktconforme rente afspreken. De Belastingdienst beschouwt alleen zakelijke rente als geldig. Leent u geld uit aan uw BV? Dan betaalt u over de ontvangen rente in box 1 maximaal 52% inkomstenbelasting. De BV kan deze betaalde rente aftrekken van de winst, wat de vennootschapsbelasting verlaagt.
Verstrekt de BV een lening aan u privé? Dan is de ontvangen rente belast voor de BV. Rente die u privé aan uw BV betaalt, is meestal niet fiscaal aftrekbaar. Alleen bij een eigenwoninglening met annuïtaire aflossing over maximaal 360 maanden is dit wel aftrekbaar. Zorg altijd voor een schriftelijke overeenkomst met duidelijke aflossingsvoorwaarden. Anders kan de lening onzakelijk worden, met vervelende fiscale gevolgen zoals een belaste winstuitdeling.
U berekent de juiste zakelijke rente voor een lening tussen privé en BV door een marktconforme rente te bepalen. Dit is de rente die een onafhankelijke bank zou rekenen als zij de lening zou verstrekken.
U volgt deze stappen:
Stel, u leent €50.000 aan uw BV. Met een basis van 2% U-rendement en 3% risico-opslag komt u op 5% rente. Dit ligt mooi binnen de zakelijke marge.
Een te lage rente bij leningen aan of van een BV maakt de lening al snel onzakelijk voor de Belastingdienst. Zij accepteren de afspraken dan niet. Dit leidt tot vervelende fiscale gevolgen voor zowel u privé als de BV.
Leent u privé geld aan uw BV met een te lage rente? Dan loopt u risico op schenkbelasting, omdat het rentevoordeel als schenking wordt gezien. Ook kan uw vordering op de BV minder waard worden als de BV de lening niet kan aflossen. Leent de BV geld aan u privé met een te lage rente? De fiscus ziet het dan als een verkapt dividend, waarover u inkomstenbelasting betaalt. De BV kan een onzakelijke lening aan u niet afwaarderen ten laste van haar winst. Dit maakt het een slechte investering voor de BV.
Voor leningen in Nederland ligt de minimale rente meestal rond de 6,40%. Rentes kunnen oplopen tot 13,90%. De wettelijke maximale rente is zelfs 15%.
Uw precieze rente hangt af van uw risicoprofiel, het leenbedrag en de looptijd. Kredietverstrekkers hanteren sterk verschillende tarieven, met verschillen tot 5 procentpunt. Vergelijk daarom altijd goed voordat u een lening afsluit.
De minimale rente voor een zakelijke lening hangt af van de specifieke voorwaarden van de kredietverstrekker. U vindt de minimale rente door goed naar deze richtlijnen te kijken.
Hier zijn de belangrijkste voorwaarden die de minimale rente bepalen:
De minimale rente voor een persoonlijke lening verschilt flink van die voor zakelijke leningen. Voor een persoonlijke lening van €2.500 betaalt u al snel 10,20% rente. Leent u privé grotere bedragen, tussen €25.000 en €50.000, dan kan dit dalen naar 6,40%.
Zakelijke leningen hanteren andere rentes. De rente hangt daar sterk af van het risicoprofiel van uw bedrijf. Stabiele ondernemingen krijgen meestal lagere tarieven dan consumenten. Een persoonlijke lening gebruikt u voor privé uitgaven, zoals een verbouwing. Zakelijk geld leent u voor investeringen in uw bedrijf. De beoordeling richt zich bij persoonlijke leningen op uw inkomen en BKR-registratie. Bij zakelijke leningen kijkt men naar de financiële gezondheid van uw onderneming.
De Belastingdienst stelt regels voor de minimale rente bij een lening binnen de familie. U moet een marktconforme rente vragen. Anders ziet de Belastingdienst de lening als een schenking. Dit kan leiden tot schenkbelasting. Voor een familiehypotheek is de rente alleen aftrekbaar als deze marktconform is. De Belastingdienst hanteert vanaf Prinsjesdag 2024 een minimumrente van 6 procent voor familieleningen. U vindt hier meer over de minimale rente lening familie.
Leg alle afspraken schriftelijk vast om fiscale problemen te voorkomen. Dit omvat het geleende bedrag, de rente en het terugbetalingsschema. Zo voldoet de lening aan zakelijke voorwaarden, net als bij een bank. Een familiehypotheek kan lagere rentes bieden. De afspraken moeten wel juridisch correct zijn.
Er is geen vast wettelijk minimaal rentepercentage voor leningen aan een BV. De Belastingdienst verwacht dat de rente marktconform is. Dit betekent dat u een rente afspreekt die vergelijkbaar is met wat onafhankelijke partijen zouden doen. Ze kijken naar het risico van de lening en de eventuele zekerheden. Daarom moet de minimale rente voor een lening aan uw BV altijd zakelijk zijn om problemen met de fiscus te voorkomen.
De Belastingdienst controleert belastingaangiften met geautomatiseerde systemen en steekproeven. Zo bekijken ze de rente op leningen tussen u en uw BV. Die rente moet marktconform zijn en u moet dit kunnen bewijzen. Vergelijk de afgesproken rente met wat een onafhankelijke partij, zoals een bank, zou vragen. Kunt u dit niet aantonen? Dan kan de Belastingdienst de lening anders behandelen, wat fiscale nadelen oplevert.
De correcte rentepercentages voor leningen aan of van uw BV hangen af van de situatie en moeten marktconform zijn. Zo betaalt u bij banken voor zakelijke leningen vaak tussen de 5,5% en 8%. Niet-bancaire financieringen liggen breder, van 4% tot wel 12%. Een achtergestelde lening, met hoger risico, kan zelfs 8% tot 15% rente hebben. Leent u van uw eigen BV, dan kan een rente van 9,4% passend zijn, afhankelijk van de zekerheden. Voor leningen aan verhuurde bedrijfspanden ziet u vaak tarieven tussen 6% en 8%. De financiële gezondheid van uw onderneming en het type lening bepalen uiteindelijk de hoogte van deze rente.
Om de zakelijke rente voor een lening aan uw BV te berekenen, kijkt u naar de markt. U bepaalt een rente die een onafhankelijke partij zou vragen. Vergelijk dit met vergelijkbare leningen van banken of andere financiers. Houd rekening met het risico van uw BV en de eventuele zekerheden die u biedt. Zo zorgt u voor een zakelijke rente voor een lening aan uw BV die de Belastingdienst accepteert.
Als de rente op uw lening aan de BV te laag is vastgesteld, grijpt de Belastingdienst in. Ze zien het renteverschil dan als een verkapte winstuitdeling. Dit betekent dat u extra inkomstenbelasting betaalt. Uw BV krijgt hierdoor ook minder renteaftrek. Soms beschouwt de fiscus een deel zelfs als een schenking. Dan betaalt u schenkbelasting. De Belastingdienst kan bovendien boetes opleggen voor deze onzakelijke lening.