Straat met klinkers, geparkeerde fietsen en auto's tussen bakstenen woonhuizen en bomen
Nieuws

Huurders hebben in doorsnee dit bedrag op de bank, kopers vele malen meer

Huurders met huurtoeslag hadden in doorsnee € 3.800 op de bank (CBS); 53% van de huurders heeft niet het gevoel genoeg geld achter de hand te hebben (Nibud).

Voeg toe als voorkeursbron
op Google
Bespaar ruim € 700Vergelijk 7 kredietverstrekkers

Lening aanvragen

Gratis & vrijblijvend
Bestedingsdoel
€ 500€ 75.000

Geen kosten en geen gevolgen voor je BKR-registratie.

Directeur en financieel specialist
Gepubliceerd
5 min lezen
Straat met klinkers, geparkeerde fietsen en auto's tussen bakstenen woonhuizen en bomen
Foto: Matheus Bertelli via Pexels

In het kort

  • Huishoudens met een eigen woning hadden op 1 januari 2025 in doorsnee € 42.200 op de bank, huurders € 6.900; kopers hebben dus ruim zes keer zoveel (CBS, voorlopige cijfers van 27 oktober 2026).
  • Huurders met huurtoeslag hebben in doorsnee € 3.800 spaargeld, huurders zonder huurtoeslag € 11.200.
  • Van de huurders heeft 53% niet het gevoel genoeg geld achter de hand te hebben, tegen 27% van de huiseigenaren (Nibud, 2026).

Huishoudens in een huurwoning hadden op 1 januari 2025 in doorsnee € 6.900 aan bank- en spaartegoeden, huishoudens met een eigen woning € 42.200, blijkt uit nieuwe cijfers die het CBS op 27 oktober 2026 publiceerde. Kopers hebben daarmee ruim zes keer zoveel spaargeld; het gaat om voorlopige cijfers. Binnen de groep huurders is het verschil ook groot: huurders met huurtoeslag hadden in doorsnee € 3.800 op de bank, huurders zonder huurtoeslag € 11.200.

Kopers hebben ruim zes keer zoveel spaargeld als huurders

Het CBS telt als spaargeld alle tegoeden op rekeningen bij banken en spaarbanken, dus ook het saldo op de betaalrekening. De bedragen zijn de mediaan, de doorsnee: de helft van de huishoudens heeft meer, de helft minder.

Eigen woning Huurwoning Huur met huurtoeslag Huur zonder huurtoeslag
aantal huishoudens 4.691.400 3.627.200 1.501.100 2.126.100
doorsnee spaargeld € 42.200 € 6.900 € 3.800 € 11.200
doorsnee vermogen € 388.300 € 4.600 € 2.500 € 8.300
doorsnee vermogen zonder eigen woning € 56.000 € 4.800 € 2.500 € 8.800
heeft schuld buiten hypotheek en studieschuld 56,2% 41,3% 36,9% 44,4%

Bron: CBS StatLine 83834NED, stand 1 januari 2025 (voorlopig); aandeel met schuld berekend uit het aantal huishoudens.

Ook als je het huis buiten beschouwing laat, blijft er een grote kloof. Het vermogen zonder eigen woning, dus vooral spaargeld en beleggingen min andere schulden, is bij kopers in doorsnee € 56.000 en bij huurders € 4.800.

In een jaar groeide het vermogen van kopers met € 50.800, dat van huurders met € 400

Het doorsnee vermogen van huishoudens met een eigen woning ging van € 337.500 op 1 januari 2024 naar € 388.300 op 1 januari 2025. Bij huurders ging het van € 4.200 naar € 4.600. Het verschil komt vooral door de waarde van het huis, die bij huurders niet meetelt. Maar het spaargeld laat zien dat kopers ook buiten hun huis meer reserves hebben: het verschil tussen de doorsnee koper en de doorsnee huurder is € 35.300 op de bank. Dat is meer dan vijf keer het hele spaartegoed van de doorsnee huurder.

Huurders voelen het verschil in hun buffer

Dat huurders minder achter de hand hebben, merken ze zelf ook. In het onderzoek Geldzaken in de praktijk 2026 van het Nibud (juni 2026) zegt 53% van de huurders niet het gevoel te hebben genoeg geld achter de hand te hebben. Bij huishoudens met een koopwoning is dat 27%. Huurders sparen ook minder: 42% zet minder dan 10% van het inkomen opzij, tegen 24% van de huiseigenaren.

Het Nibud ondervroeg 2.515 mensen van 18-75 jaar, het CBS telt alle huishoudens. De twee bronnen meten dus iets anders, maar ze wijzen dezelfde kant op.

Huurders met huurtoeslag hebben de kleinste buffer

Van de 3.627.200 huurhuishoudens krijgen er 1.501.100 huurtoeslag. Die groep heeft in doorsnee € 3.800 op de bank en een vermogen van € 2.500. Huurtoeslag krijg je alleen bij een lager inkomen, dus het is niet vreemd dat hier het minst opzij staat. Huurders zonder huurtoeslag zitten daar met € 11.200 spaargeld en € 8.300 vermogen ruim boven, maar nog altijd ver onder de kopers.

Bij huurders met huurtoeslag is een schuld buiten de hypotheek en studieschuld juist het minst gewoon: 36,9% heeft er een. Wie zo'n schuld heeft, heeft gemiddeld € 5.200 openstaan. Bij huurders zonder huurtoeslag is dat 44,4%, met een gemiddelde van € 15.000. Kleinere bedragen dus, maar tegenover een veel kleinere buffer.

Huurders hebben minder vaak een schuld naast het wonen

Huurders hebben minder vaak een schuld buiten hypotheek en studieschuld dan kopers: 41,3% tegenover 56,2%. Het CBS rekent daartoe consumptief krediet, rood staan, zorg-, belasting- en toeslagschulden, en ook leningen voor beleggingen of een tweede woning. Huurders die zo'n schuld hebben, hebben gemiddeld € 11.400 openstaan; een jaar eerder was dat € 9.800. Bij kopers is het gemiddelde € 56.500; de tabel splitst niet uit welk deel daarvan bestaat uit leningen voor beleggingen of vastgoed.

Rekenvoorbeeld

Stel dat er een uitgave van € 7.500 op je afkomt. Een huishouden met een koopwoning en het doorsnee spaargeld van € 42.200 kan dat betalen. Een doorsnee huurder (€ 6.900) komt € 600 tekort, een huurder met huurtoeslag (€ 3.800) € 3.700.

Wie het hele bedrag leent met een persoonlijke lening van € 7.500 over 48 maanden, betaalt bij de laagste vanaf-rente in de rentefeed van Lening.nl op 27 oktober 2026 (10,9%) € 193,48 per maand. In totaal betaal je € 9.287,04 terug, waarvan € 1.787,04 rente. Welke rente je krijgt, hangt af van je situatie.

Spaar je dezelfde € 7.500 in 48 maanden bij elkaar, dan leg je € 156,25 per maand opzij. Lenen kost in dit voorbeeld dus € 37,23 per maand meer dan sparen. Dat verschil is de rente.

Leent de huurder met huurtoeslag alleen het tekort van € 3.700 over 36 maanden, dan is de laagste vanaf-rente in de rentefeed 11,9%: € 122,72 per maand en € 717,92 rente in totaal. Voor kleine bedragen ligt de laagste vanaf-rente in de rentefeed hoger dan voor grotere bedragen.

Wat dit voor jou betekent

  • Leg je spaargeld naast de tabel. Huur je, dan is een vast bedrag per maand automatisch opzijzetten de eerste stap naar een buffer voor tegenvallers.
  • Moet je toch lenen, vergelijk dan de kosten van een persoonlijke lening met die van sparen en kijk naar de rente: die bepaalt hoeveel duurder lenen is.
  • Reken met lening berekenen uit wat de maandlast is en of die past naast je huur. De leennormen rekenen met je huur na aftrek van huurtoeslag.
  • Lees bij geld lenen welke vormen er zijn en waar je op let voordat je een lening afsluit.

Veelgestelde vragen

Hoeveel spaargeld heeft een huurder gemiddeld?

In doorsnee (de mediaan) € 6.900 op 1 januari 2025, volgens het CBS. Huurders met huurtoeslag hebben € 3.800, huurders zonder huurtoeslag € 11.200. Huishoudens met een eigen woning hebben € 42.200.

Is lenen voor een tegenvaller duurder dan sparen?

Ja, want je betaalt rente. Een persoonlijke lening van € 7.500 over 48 maanden kost bij de laagste vanaf-rente in de rentefeed van Lening.nl op 27 oktober 2026 (10,9%) € 1.787,04 rente. Welke rente je krijgt, hangt af van je situatie; de vanaf-rentes per aanbieder zie je bij rente.

Telt huurtoeslag mee als ik een lening aanvraag?

De leennormen die kredietverstrekkers gebruiken, rekenen met je huur na aftrek van huurtoeslag als woonlast. Wat je met jouw huur en inkomen volgens de leennormen kunt lenen, zie je met lening berekenen; de kredietverstrekker beslist.

Bronnen

Dit artikel is algemene informatie en geen persoonlijk financieel advies. Je situatie kan afwijken; vraag onze adviseurs gerust om een berekening op maat. Let op! Geld lenen kost geld.

Lees hoe de redactie werkt en hoe je een fout meldt.

Vergelijk en vraag je lening online aan

Rente vanaf 7,10% bij 7 kredietverstrekkers. Aanvragen is gratis, vrijblijvend en heeft geen gevolgen voor je BKR-registratie. Let op! Geld lenen kost geld.