Rijtjeshuizen van baksteen met puntdaken in Den Haag, van bovenaf gezien
Nieuws

Dit vermogen hebben huishoudens van jouw leeftijd volgens nieuwe cijfers

Het doorsnee vermogen van alle huishoudens steeg van € 138.000 op 1 januari 2024 naar € 169.100 op 1 januari 2025, een stijging van 22,5%, volgens het CBS.

Voeg toe als voorkeursbron
op Google
Bespaar ruim € 700Vergelijk 7 kredietverstrekkers

Lening aanvragen

Gratis & vrijblijvend
Bestedingsdoel
€ 500€ 75.000

Geen kosten en geen gevolgen voor je BKR-registratie.

Directeur en financieel specialist
Gepubliceerd
5 min lezen
Rijtjeshuizen van baksteen met puntdaken in Den Haag, van bovenaf gezien
Foto: Jan van der Wolf via Pexels

In het kort

  • Het doorsnee vermogen van alle huishoudens was op 1 januari 2025 € 169.100, tegen € 138.000 een jaar eerder: 22,5% meer (CBS, voorlopige cijfers van 27 oktober 2026).
  • Huishoudens van 35-45 jaar hebben in doorsnee € 152.200, die van 65-75 jaar het meest: € 323.200. Onder de 25 is het € 900.
  • Zonder eigen woning is het beeld anders: € 17.200 bij 35-45 jaar en € 44.100 bij 65-75 jaar. Zonder huis steeg het doorsnee vermogen maar 9,5%.

Een huishouden met een hoofdkostwinner van 35-45 jaar had op 1 januari 2025 in doorsnee € 152.200 aan vermogen, blijkt uit nieuwe cijfers die het CBS op 27 oktober 2026 publiceerde. Zonder de eigen woning en de hypotheek daarop was dat € 17.200. Het gaat om voorlopige cijfers. In elke leeftijdsgroep lag het doorsnee vermogen hoger dan een jaar eerder. Over alle huishoudens samen ging het van € 138.000 naar € 169.100, een stijging van 22,5%.

Vermogen is alles wat je bezit min al je schulden

Het CBS telt bij bezittingen het geld op bank- en spaarrekeningen, beleggingen, de eigen woning, ander onroerend goed en ondernemingsvermogen. Daar gaan de hypotheek, de studieschuld en alle andere schulden vanaf. Wat overblijft, is het vermogen. Bij het vermogen zonder eigen woning laat het CBS zowel de waarde van het huis als de hypotheek daarop weg.

De bedragen zijn de mediaan, ook wel de doorsnee: de helft van de huishoudens heeft meer, de helft minder. De huishoudens zijn ingedeeld naar de leeftijd van de hoofdkostwinner. Het CBS geeft ook het gemiddelde vermogen: € 378.600 per huishouden op 1 januari 2025, tegen € 348.200 een jaar eerder. Dat is ruim twee keer zo hoog als de doorsnee, omdat een kleinere groep huishoudens met een heel groot vermogen het gemiddelde omhoog trekt. Wie zijn eigen vermogen wil vergelijken, kijkt daarom beter naar de mediaan in de tabel.

Zo veel vermogen heeft een huishouden van jouw leeftijd

Leeftijd hoofdkostwinner Doorsnee vermogen 1 januari 2025 Een jaar eerder Zonder eigen woning (2025)
jonger dan 25 € 900 € 300 € 800
25-35 € 17.100 € 13.900 € 5.700
35-45 € 152.200 € 122.400 € 17.200
45-55 € 228.200 € 190.000 € 30.400
55-65 € 297.000 € 253.200 € 42.800
65-75 € 323.200 € 279.000 € 44.100
75-85 € 310.600 € 267.200 € 41.400
85 en ouder € 178.900 € 142.300 € 37.800
alle huishoudens € 169.100 € 138.000 € 25.300

Bron: CBS StatLine 83834NED, stand 1 januari 2025 (voorlopig) en 1 januari 2024.

Huishoudens van 65-75 jaar hebben met € 323.200 het grootste doorsnee vermogen. Daarna daalt het, naar € 178.900 bij 85-plussers. In euro's steeg het vermogen in een jaar het meest bij 55-65 jaar (€ 43.800 erbij) en 65-75 jaar (€ 44.200 erbij).

Onder de 25 begin je bijna bij nul

Huishoudens met een hoofdkostwinner jonger dan 25 jaar hadden op 1 januari 2025 in doorsnee € 900 aan vermogen, een jaar eerder € 300. Zonder eigen woning is het € 800, bijna hetzelfde bedrag. Het doorsnee spaargeld is in deze groep € 3.500. Dat het doorsnee vermogen daar ver onder ligt, laat zien dat bij veel jonge huishoudens schulden tegenover het spaargeld staan. Een van die schulden is de studieschuld: 1.359.600 huishoudens hebben er een, met een mediaan van € 11.700.

Bij 25-35 jaar is het beeld al anders. Het doorsnee vermogen steeg hier van € 13.900 naar € 17.100. Zonder woning is het € 5.700. Het verschil tussen die twee bedragen komt van de huishoudens die al een huis hebben gekocht en daarin vermogen hebben opgebouwd.

Tussen 25-35 en 35-45 jaar zit de grootste sprong

Een huishouden van 25-35 jaar heeft in doorsnee € 17.100, een huishouden van 35-45 jaar € 152.200: bijna negen keer zoveel. Zonder woning is de stap veel kleiner, van € 5.700 naar € 17.200. Het verschil zit dus vooral in het huis.

Dat past bij de leeftijd waarop mensen een huis kopen. Uit de generatiestudie van het CBS (7 september 2026) blijkt dat 53,4% van de millennials op hun dertigste een eigen woning had en 64,1% op hun vijfendertigste. Wie koopt en een deel van de hypotheek aflost of de woning meer waard ziet worden, bouwt vermogen op dat in deze cijfers meetelt.

Zonder huis is het verschil tussen jong en oud veel kleiner

Haal je de eigen woning weg, dan loopt het doorsnee vermogen op van € 800 onder de 25 naar € 44.100 bij 65-75 jaar. Met woning is dat verschil € 900 tegenover € 323.200.

Hoe groot de rol van het huis is, zie je ook aan de woonsituatie. Huishoudens met een eigen woning hadden op 1 januari 2025 in doorsnee € 388.300 aan vermogen, huurders € 4.600. Een jaar eerder was dat € 337.500 en € 4.200. Het vermogen van kopers groeide dus met € 50.800, dat van huurders met € 400. Het CBS meldt dat de eigen woning 78,7% van de bezittingen uitmaakt van huishoudens die geen miljonair zijn.

De stijging zit vooral in de waarde van het huis

Zonder eigen woning steeg het doorsnee vermogen van alle huishoudens van € 23.100 naar € 25.300, een stijging van 9,5%. Met woning was dat 22,5%. Het CBS schreef op 27 oktober 2026 in een bericht over het gestegen aantal miljonairs: "Dat komt vooral door de gestegen huizenprijzen." Voor de doorsnee huishoudens laten de cijfers hetzelfde patroon zien: wie een huis heeft, zag het vermogen veel harder groeien dan wie huurt.

Vermogen in een huis is wel een ander soort geld dan spaargeld. Je kunt het niet uitgeven zonder het huis te verkopen of de hypotheek te verhogen. Voor een tegenvaller telt wat er op de bank staat; hoeveel dat per leeftijd is, lees je in zoveel spaargeld hebben huishoudens van jouw leeftijd.

Wat dit voor jou betekent

  • Vergelijk je eigen vermogen met en zonder huis met de tabel. Het vermogen zonder huis zegt meer over hoeveel ruimte je hebt voor tegenvallers.
  • Huur je, dan heb je geen huis waarin vermogen groeit en bestaat je vermogen uit spaargeld, beleggingen en schulden; bij huurders is dat in doorsnee € 4.600. Een buffer op de bank opbouwen is dan de eerste stap.
  • Wil je een grote uitgave doen, kijk dan wat geld lenen kost en reken de maandlast uit met lening berekenen.
  • Hoe je leeftijd meeweegt bij een aanvraag voor een lening, lees je bij geld lenen en je leeftijd.

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen vermogen met en zonder eigen woning?

Vermogen is alles wat je bezit min al je schulden. Bij het vermogen zonder eigen woning laat het CBS de waarde van het huis en de hypotheek daarop weg. Wat overblijft, zijn vooral spaargeld, beleggingen en andere schulden; bij 35-45 jaar is dat in doorsnee € 17.200.

Waarom is het vermogen in één jaar zo hard gestegen?

Het doorsnee vermogen inclusief woning steeg met 22,5%, zonder woning met 9,5%. Het grootste deel van de stijging zit dus in de waarde van het huis. Het CBS schrijft over de groei van het aantal miljonairs dat die 'vooral door de gestegen huizenprijzen' komt.

Is dit het gemiddelde vermogen?

Nee, het is de mediaan: de helft van de huishoudens heeft meer, de helft minder. Het gemiddelde vermogen van alle huishoudens was op 1 januari 2025 € 378.600, ruim twee keer zo hoog, omdat een kleine groep met een groot vermogen het gemiddelde optrekt.

Bronnen

Dit artikel is algemene informatie en geen persoonlijk financieel advies. Je situatie kan afwijken; vraag onze adviseurs gerust om een berekening op maat. Let op! Geld lenen kost geld.

Lees hoe de redactie werkt en hoe je een fout meldt.

Vergelijk en vraag je lening online aan

Rente vanaf 7,10% bij 7 kredietverstrekkers. Aanvragen is gratis, vrijblijvend en heeft geen gevolgen voor je BKR-registratie. Let op! Geld lenen kost geld.