Ruim de helft van de twintigers komt moeilijk rond, en zo lossen ze dat op
Van de jongvolwassenen (18 t/m 30 jaar) had 54% in 2026 moeite met rondkomen, tegen 40% in 2024, meldt het Nibud. Lenen bij een bank is de minst genoemde oplossing; spaargeld en familie komen eerst.
Foto: Tim Samuel via Pexels

In het kort
- 54% van de huishoudens van 18 t/m 30 jaar had in 2026 moeite met rondkomen (2024: 40%); onder 30-plussers 35%. Jongvolwassenen die problemen hadden, telden gemiddeld 4,7 verschillende betalingsproblemen (Nibud).
- Bij geldtekort gebruikt 59% van de huishoudens spaargeld, leent 20% van familie, vrienden of kennissen en betaalt 18% rekeningen later; lenen bij een bank of financieringsmaatschappij wordt met 8% het minst genoemd.
- Wie jong wel een krediet heeft, loopt het vaakst achter: 11,1% van de kredietnemers van 25 t/m 30 jaar had eind 2025 een achterstand, het hoogste van alle leeftijdsgroepen (BKR).
Van de huishoudens van 18 t/m 30 jaar had 54% in 2026 moeite met rondkomen, tegen 40% in 2024. Dat staat in het rapport "Geldzaken in de praktijk 2026" van het Nibud uit juni 2026, een enquête onder 2.515 Nederlanders van 18 t/m 75 jaar. Onder 30-plussers steeg het aandeel van 30% naar 35%; geen andere groep steeg zo hard. Als het geld op is, grijpen huishoudens eerst naar spaargeld (59%), dan naar familie, vrienden of kennissen (20%) en naar het later of niet betalen van rekeningen (18%). "Geld lenen bij een bank of financieringsmaatschappij wordt het minst genoemd (8 procent)", schrijft het Nibud.
Jongvolwassenen kwamen in twee jaar het hardst in de knel
De NOS kopte in juni 2026 over dit rapport: "Huishoudens vaker in de knel, meeste jongvolwassenen kunnen niet rondkomen". De cijfers per groep:
| Moeite met rondkomen | 2024 | 2026 |
|---|---|---|
| 18 t/m 30 jaar | 40% | 54% |
| Ouder dan 30 jaar | 30% | 35% |
| Huurders | 48% | 56% |
| Koopwoning | 22% | 24% |
| Eenoudergezin | 55% | 59% |
| Laag inkomen | 54% | 62% |
| Uitkering | 55% | 61% |
| Paar met kinderen | 31% | 37% |
| Gepensioneerd | 22% | 18% |
| Alle huishoudens | 32% | 38% |
Bron: Nibud, tabel 1; "moeite" is de som van "(zeer) moeilijk" en "eerder moeilijk". Huishoudens met een laag inkomen of een uitkering hebben nog vaker moeite, maar nergens steeg het aandeel zo hard als bij jongvolwassenen: 14 procentpunt. Zij maken zich ook vaker zorgen: 48% regelmatig of altijd, tegen 30% van de 30-plussers.
Dit doen huishoudens als het geld op is
Het Nibud vroeg alle huishoudens wat ze doen als ze moeilijk rondkomen; het rapport splitst deze vraag niet uit naar leeftijd. Spaargeld gebruiken staat bovenaan met 59%, daarna lenen van familie, vrienden of kennissen (20%) en rekeningen later of niet betalen (18%); lenen bij een bank of financieringsmaatschappij noemt 8%. Het spaargeld raakt bij jongvolwassenen wel het eerst op: "40 procent van de huishoudens jonger dan 30 jaar heeft minder dan € 2.500 aan spaargeld, tegenover 27 procent van de huishoudens van 30 jaar en ouder."
Van alle huishoudens had 52% in het afgelopen jaar minstens één betalingsprobleem (2024: 46%): een betalingsherinnering (34%), rood staan (30%), een afbetalingsregeling (28%) of een geweigerde automatische afschrijving (24%). Wie problemen had, telde er gemiddeld 3,8; bij 18- t/m 30-jarigen waren dat er 4,7, bij 30-plussers 3,5.
Wie jong leent, loopt het vaakst achter
Jongeren hebben zelden een geregistreerd krediet, maar wie het wel heeft, loopt het vaakst achter. Volgens de BKR Monitor 2025 had eind 2025 10,3% van de 18- t/m 24-jarigen een lopend krediet, en 25,2% van de 25- t/m 30-jarigen; in 2021 was dat nog 16,2% en 34,4%. BKR telt daarbij ook een telefoon op afbetaling, een roodstand en een creditcard met gespreide betaling mee.
| Leeftijd | Met lopend krediet, eind 2025 | Eind 2021 | Kredietnemers met achterstand, eind 2025 | Eind 2021 |
|---|---|---|---|---|
| 18 t/m 24 jaar | 10,3% | 16,2% | 8,1% | 10,0% |
| 25 t/m 30 jaar | 25,2% | 34,4% | 11,1% | 9,4% |
| 31 t/m 40 jaar | 39,2% | 51,3% | 9,5% | 8,9% |
| 41 t/m 50 jaar | 54,7% | 61,9% | 6,7% | 6,6% |
Bron: BKR Monitor 2025, per persoon. De 25- t/m 30-jarigen hebben met 11,1% het hoogste aandeel achterstanden van alle leeftijdsgroepen, en het stijgt: 9,4% in 2021, 10,3% in 2024. Daar komt de studieschuld nog bij: volgens de AFM heeft een kwart van de 18- t/m 34-jarigen een studielening (voorjaar 2025).
Rekenvoorbeeld
De leennormen van de VFN, die kredietverstrekkers gebruiken en die op Nibud-begrotingen zijn gebaseerd, laten weinig ruimte bij een startersinkomen. Ze rekenen met een minimuminkomen van € 2.033 netto per maand. Voor wie bij zijn ouders woont, tellen de normen 30% van het netto-inkomen als woonlast, met een plafond van € 750. De uitkomsten gelden voor een alleenstaande bij 8% rente over 60 maanden, inclusief vakantiegeld en zorgtoeslag; het is een indicatie, de kredietverstrekker beslist.
| Situatie | Ruimte per maand | Leenbedrag over 60 maanden |
|---|---|---|
| € 2.033 netto, inwonend, geen auto | € 275,68 | € 13.500 |
| € 2.033 netto, huur € 700, geen auto | € 185,58 | € 9.100 |
| € 2.033 netto, huur € 700, eigen auto | € 0 | € 0 |
| € 1.800 netto, huur € 700, geen auto | € 0 | € 0 |
Een auto kost in de normen € 206 per maand bij een inkomen onder modaal; dat is meer dan de € 185,58 die overblijft bij € 700 huur. En bij € 1.800 netto valt het toetsinkomen onder de basisnorm voor levensonderhoud van € 1.364 plus de huur, zodat er niets overblijft. Lenen kost bovendien geld: € 9.100 over 60 maanden bij 8% betekent een maandlast van € 184,52 en € 1.971,20 aan rente.
Wat dit voor jou betekent
- Begin met een buffer voordat je leent: 40% van de huishoudens onder de 30 heeft minder dan € 2.500 spaargeld. Wat je kunt lenen vanaf je achttiende en wat daar bij komt kijken, staat bij lenen vanaf 18 jaar.
- Leen je van familie, leg dan bedrag, rente en aflossing vast; een voorbeeld staat bij lening van ouders aan kind. Zo'n lening staat niet bij BKR, een roodstand of telefoonkrediet wel; lees hoe dat werkt bij BKR.
- Betaal je rekeningen later, dan stapelen de problemen zich op. Neem contact op met de schuldeiser vóór een incasso, en bij een krediet vóór de vooraankondiging van BKR.
- Overweeg je toch een lening, reken dan eerst de maandlast uit met lening berekenen. Eerdere berichten over het Nibud-rapport: 38% komt moeilijk rond en de financiële knip op je achttiende.
Veelgestelde vragen
Bronnen
Dit artikel is algemene informatie en geen persoonlijk financieel advies. Je situatie kan afwijken; vraag onze adviseurs gerust om een berekening op maat. Let op! Geld lenen kost geld.
Vergelijk en vraag je lening online aan
Rente vanaf 7,10% bij 7 kredietverstrekkers. Aanvragen is gratis, vrijblijvend en heeft geen gevolgen voor je BKR-registratie. Let op! Geld lenen kost geld.
