Hoe hoger je inkomen, hoe vaker je een schuld naast je hypotheek hebt
Bij de hoogste inkomens is die schuld gemiddeld € 137.700, bij de laagste € 32.700; aan spaargeld hebben ze in doorsnee € 74.700 en € 3.100, volgens het CBS.
Voeg toe als voorkeursbronop Google
Foto: Haberdoedas Photography via Pexels

In het kort
- Van de 10% huishoudens met de hoogste inkomens had 77,2% op 1 januari 2025 een schuld buiten hypotheek en studieschuld; bij de laagste 10% was dat 34,9% (CBS, voorlopige cijfers van 27 oktober 2026).
- De schulden in de hoogste groep zijn gemiddeld € 137.700, maar de helft van die huishoudens heeft minder dan € 1.700 openstaan.
- In de laagste inkomensgroep is het doorsnee spaargeld € 3.100, in de hoogste € 74.700; daardoor weegt een schuld bij een laag inkomen zwaarder.
Van de huishoudens in de hoogste inkomensgroep had 77,2% op 1 januari 2025 een schuld naast de hypotheek en de studieschuld, tegen 34,9% in de laagste groep, blijkt uit nieuwe cijfers die het CBS op 27 oktober 2026 publiceerde. Het gaat om voorlopige cijfers. Het CBS deelt alle huishoudens daarvoor in tien even grote groepen, decielen, van elk 831.900 huishoudens. De indeling gaat op het gestandaardiseerd inkomen: het besteedbaar inkomen, gecorrigeerd voor de grootte en samenstelling van het huishouden, zodat een gezin en een alleenstaande te vergelijken zijn.
Bij de hoogste inkomens heeft bijna acht op de tien huishoudens zo'n schuld
| Inkomensgroep | Heeft schuld naast hypotheek en studieschuld | Gemiddelde schuld (wie hem heeft) | Doorsnee spaargeld | Doorsnee vermogen |
|---|---|---|---|---|
| laagste 10% | 34,9% | € 32.700 | € 3.100 | € 1.600 |
| 2e groep | 33,4% | € 11.900 | € 5.100 | € 4.800 |
| 3e groep | 33,4% | € 13.600 | € 12.900 | € 19.200 |
| 5e groep | 45,4% | € 17.100 | € 20.700 | € 166.500 |
| 8e groep | 60,3% | € 25.200 | € 38.400 | € 307.900 |
| hoogste 10% | 77,2% | € 137.700 | € 74.700 | € 621.200 |
Bron: CBS StatLine 83834NED, stand 1 januari 2025 (voorlopig), een selectie van de tien inkomensgroepen; aandeel berekend uit het aantal huishoudens.
In de drie laagste groepen heeft ongeveer een op de drie huishoudens zo'n schuld. Vanaf het midden loopt het aandeel op: 45,4% in de vijfde groep, 60,3% in de achtste en 77,2% in de hoogste. Dat gaat in tegen het beeld dat vooral mensen met weinig geld schulden hebben. In de middelste groep, de vijfde, heeft bijna de helft van de huishoudens zo'n schuld; wie hem heeft, heeft gemiddeld € 17.100 openstaan, tegenover € 20.700 doorsnee spaargeld.
Het CBS telt ook leningen voor beleggingen en een tweede huis
Wat het CBS een overige schuld noemt, is breder dan consumptief krediet. Het gaat om alle schulden buiten de hypotheek op de eigen woning en de studieschuld. Naast persoonlijke leningen, doorlopend krediet en rood staan vallen daaronder zorgschulden, belasting- en toeslagschulden en leningen voor aandelen, obligaties, een tweede woning of ander vastgoed.
De tabel splitst niet uit om welk soort schuld het gaat. Het gemiddelde in de hoogste groep, € 137.700, wijst wel op grote bedragen bij een deel van die huishoudens. Tegelijk heeft de helft van de huishoudens in de hoogste groep met zo'n schuld minder dan € 1.700 openstaan. De meeste schulden zijn dus klein, en een kleinere groep heeft heel grote schulden.
Tegenover de schuld staat bij hoge inkomens een grote buffer
Een schuld zegt weinig zonder te kijken naar wat ertegenover staat. In de hoogste inkomensgroep is het doorsnee spaargeld € 74.700 en het doorsnee vermogen € 621.200. Zonder de eigen woning is dat vermogen nog € 180.900. In de laagste groep is het vermogen zonder woning € 1.400, in de vijfde groep € 22.100 en in de achtste € 47.600.
Huishoudens met een hoog inkomen hebben dus vaker een schuld, maar ook veel meer om die schuld mee af te lossen als dat nodig is. Bij de lagere inkomens is het andersom: minder vaak een schuld, maar ook een veel kleinere buffer.
Bij lage inkomens is de schuld kleiner, maar weegt hij zwaarder
In de tweede en derde inkomensgroep is de gemiddelde schuld € 11.900 en € 13.600. Dat zijn kleinere bedragen dan bovenin, maar ze staan tegenover weinig spaargeld: € 5.100 en € 12.900 in doorsnee. In de laagste groep is het doorsnee spaargeld € 3.100 en het doorsnee vermogen € 1.600.
Opvallend is het gemiddelde in de laagste groep: € 32.700, hoger dan in de groepen erboven. Ook hier trekt een kleinere groep met grote schulden het gemiddelde omhoog. De helft van de huishoudens in deze groep met zo'n schuld heeft minder dan € 1.200 openstaan. Maar met een laag inkomen en weinig spaargeld kan ook zo'n bedrag lastig zijn om af te lossen.
Rekenvoorbeeld
Wat een schuld per maand kost, weegt zwaarder naarmate je inkomen lager is. Neem een persoonlijke lening van € 10.000 over 60 maanden. Bij de laagste vanaf-rente in de rentefeed van Lening.nl op 27 oktober 2026 (8,6%) is de maandlast € 205,65. In totaal betaal je € 12.339 terug, waarvan € 2.339 rente. Welke rente je krijgt, hangt af van je situatie.
Bij een netto inkomen van € 2.200 per maand is die maandlast 9,3% van je inkomen, bij € 3.000 netto 6,9%. De leennormen laten het verschil nog scherper zien. Een alleenstaande huurder met € 900 huur, zonder auto en met vakantiegeld, komt met € 2.200 netto volgens de leennormen op ongeveer € 5.500 over 60 maanden: na huur en de vaste normbedragen voor levensonderhoud blijft er € 113,64 per maand over voor een maandlast. Met € 3.000 netto komt dezelfde huurder op € 38.500. Een lening van € 10.000 past dus wel bij het hogere inkomen, maar niet bij het lagere. Dit is een indicatie met de leennormen die tot 1 december 2026 gelden; de kredietverstrekker beslist.
Wat dit voor jou betekent
- Kijk niet alleen naar het bedrag van een schuld, maar ook naar de maandlast tegenover je inkomen. Met lening berekenen zie je wat een lening per maand kost en wat je volgens de leennormen kunt lenen.
- Vergelijk de rente voordat je leent: bij € 10.000 over 60 maanden scheelt de laagste en de hoogste vanaf-rente in de rentefeed € 294,60 aan rente.
- Heb je een doorlopend krediet of sta je vaak rood, kijk dan of je die schuld kunt vervangen of aflossen; lees bij doorlopend krediet hoe zo'n krediet werkt.
- Heb je een laag inkomen en lukt het aflossen niet meer, neem dan contact op met je gemeente voor schuldhulpverlening voordat je een nieuwe lening overweegt.
Veelgestelde vragen
Wat is een inkomensdeciel?
Waarom hebben mensen met een hoog inkomen vaker een schuld?
Hoeveel kan ik lenen met mijn inkomen?
Bronnen
Dit artikel is algemene informatie en geen persoonlijk financieel advies. Je situatie kan afwijken; vraag onze adviseurs gerust om een berekening op maat. Let op! Geld lenen kost geld.
Vergelijk en vraag je lening online aan
Rente vanaf 7,10% bij 7 kredietverstrekkers. Aanvragen is gratis, vrijblijvend en heeft geen gevolgen voor je BKR-registratie. Let op! Geld lenen kost geld.
